Grappige teksten: Dubbelzinnen
3 October 2008 ♦ In Grappige teksten
Hier enkele dubbelzinnige dubbel zinnen…
- Als er ergens water staat, komt de waterstaat, om te kijken wat er staat.
- File: waar de rijweg geen rijweg is tot de rij weg is.
- Serieus genomen worden, of Serieus genomen worden, dat is de vraag.
- De sahara is zonder meer erg droog.
- Ik loop in de natuur, en als ik de wolken na tuur denk ik; we krijgen een nat uur.
- Wat was was voordat was was was?
Voordat was was was, was was is.
Voordat was was was, was was schoon.
Voordat was was was, was was honing.
Grappig plaatje: Ik zit vast hoor!!
2 October 2008 ♦ In Leuke plaatjes
Geen geintjes nou baas.. ik zit vast man!!

Lastig Nederlands..
1 October 2008 ♦ In Grappige teksten
Het meervoud van slot is sloten.
Maar toch is het meevoud van pot geen poten.
Evenzo zegt men altijd: een vat, twee vaten,
maar zal men zeggen: Een kat, twee katen?
Wie gisteren ging vliegen, zegt heden: Ik vloog,
dus zegt u misschien van wiegen: Ik woog.
Nee, pardon, want ik woog is afkomstig van wegen,
maar…is nu : ik voog, een vervoeging van vegen?
En dan een woord zoeken, vervoegt men : ik zocht,
en dus hoort bij vloeken misschien ook : ik vlocht.
Alweer mis, want dit is afkomstig van vlechten,
maar “ik hocht” is geen juiste vervoeging van hechten.
Bij roepen hoort riep, maar bij snoepen geen sniep.
Bij lopen hoort liep, maar bij kopen geen kiep.
En evenmin hoort bij slopen, ik sliep!
Want dat is afkomstig van het schone woord “slapen”.
maar zet nu niet weer “ik riep” bij het rapen.
Want dit komt van roepen en u ziet terstond;
Zo draaien we vrolijk in een kringetje rond.
Van raden, komt ried, maar van baden geen bied.
Dit komt weer van bieden, ik hoop dat u ‘t ziet.
Ook komt hiervan “bood” , maar van wieden geen “wood”.
U ziet, de verwarring is akelig groot.
Nog talloos veel voorbeelden zijn te geven,
want gaf hoort bij geven, maar laf niet bij “leven”.
Men spreekt van: wij drinken, en hebben gedronken,
maar niet van “hinken” wij hebben gehonken .
‘t is : ik weet en ik wist, zo vervoegt men dat,
Maar schrijft u niet bij vergeten, vergist.
Dat is een vergissing, ja, moeilijk, dat is ‘t .
Het volgende geval is bijna te bont,
Bij slaan hoort: Ik sloeg, niet ik sling of ik slond.
Bij gaan hoort: Ik ging, niet ik gong of ik gond.
En noemt u een mannetjesrat soms een rater ?
Dat gaat wel op voor een kat en een kater.



